Vanaf september hogere GAS-boetes voor verkeersovertredingen

Op 1 september 2018 stijgen de GAS-boetes voor verkeersovertredingen. Wie een overtreding van eerste categorie begaat, zal dan 58 in plaats 55 euro moeten betalen. Voor overtredingen van tweede categorie stijgt de boete van 110 naar 116 euro. Opvallend: de GAS-boete voor overtredingen van vierde categorie wordt geschrapt. Wie een voertuig laat stilstaan of parkeert op een overweg riskeert nu nog een GAS-boete van 330 euro? Met de aanpassing wil de regering de bedragen gelijktrekken met de boetes die van toepassing zijn op gerechtelijk niveau (onmiddellijke inningen).

GAS-boetes voor verkeersovertredingen

Op basis van de GAS-wet kunnen gemeenten GAS-boetes opleggen voor overtredingen op het stilstaan en parkeren en voor overtredingen op het verkeersbord C3 (verboden toegang in beide richtingen) en het verkeersbord F103 (voetgangerszone) die werden vastgesteld met automatisch werkende toestellen.

De boetes variëren momenteel van 55 tot 330 euro naargelang de ernst van de inbreuk. Het zogenaamde 'Boetebesluit van 9 maart 2014' onderscheidt overtredingen van eerste, tweede en vierde categorie. Het omvat geen overtredingen van derde categorie.

Stijging vanaf 1 september

Op 1 september stijgen de boetebedragen, zowel voor overtredingen van categorie 1 als voor overtredingen van categorie 2.

Een overtreding van eerste categorie wordt vanaf volgende maand bestraft met een administratieve geldboete of onmiddellijke betaling van 58 euro. Het gaat hier om inbreuken m.b.t. het niet respecteren van een parkeer- of stilstandverbod.

Op overtredingen van tweede categorie staat vanaf september een boete van 116 euro. Wie parkeert of stilstaat op autowegen (behalve op een parkeerstrook aangewezen door het verkeersbord E9a) of parkeert op een plaats waar het duidelijk een gevaar betekent voor andere weggebruikers (vb. op een trottoir) riskeert dit bedrag te moeten neertellen.

De bepalingen met betrekking tot overtredingen van categorie 4 worden geschrapt.

GAS-boete lager dan onmiddellijke inning

Op 1 mei 2017 stegen de tarieven voor onmiddellijke inning en consignatie voor overtredingen op de Wegverkeerswet en de uitvoeringsbesluiten ervan met 5%. Daardoor verhoogde de onmiddellijke inning voor een overtreding van de eerste graad van 55 naar 58 euro en voor een overtreding van de tweede graad van 110 naar 116 euro. Dat leidde sindsdien tot verschillende boetebedragen voor verkeersovertredingen die zowel met een GAS-boete als met een onmiddellijke inning bestraft kunnen worden. Wie een parkeerovertreding beging die tot de eerste graad behoort, moest 55 euro betalen als hij een GAS-boete kreeg. Ging het om een onmiddellijke inning, dan moest de overtreder 58 euro betalen. Op 1 september wordt dat verschil dus weggewerkt.

Bron: Koninklijk besluit van 19 juli 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen, BS 10 augustus 2018.