Verlaagd btw-tarief op sociale huisvesting uitgebreid tot privésector (art. 120-121 PW 2017)

Sinds 1 januari 2017 kan elke natuurlijke persoon of rechtspersoon (particulieren, vastgoedontwikkelaars en elke andere privaatrechtelijke persoon) die een woning of woningcomplex koopt, bouwt, verbouwt of in leasing neemt om die te verhuren in het kader van het sociaal beleid, genieten van het verlaagd btw-tarief van 12% in plaats van 21%. Dit op voorwaarde dat hij bepaalde voorwaarden en formaliteiten naleeft (nieuwe rubriek XI. in Tabel B, Btw-KB nr. 20 (tarieven); ingevoerd door art. 120, PW 2017).

Verhuren aan sociale operatoren

De eigenaar moet de privéwoning verhuren aan bepaalde sociale operatoren, zoals bv. de provincies, de intercommunales, de gemeenten, de (intercommunale) OCMW's, de gemengde holdingmaatschappijen waarin de overheid een meerderheid heeft, de sociale verhuurkantoren (SVK), de gewestelijke huisvestingsmaatschappijen enz., die ze op hun beurt verder verhuren in het kader van het sociaal beleid verstrekte huisvesting.

Minimum verhuurtermijn

De minimum verhuurtermijn bedraagt 15 jaar. Hij komt overeen met het herzieningstijdvak voor de btw-aftrek inzake investeringsgoederen (art. 9, § 1, tweede lid, Btw-KB nr. 3 (aftrek).

Wanneer één van de voorwaarden voor de verhuur niet meer wordt nageleefd binnen de minimale verhuurperiode, dan moet:

enerzijds, de verwerver, de bouwheer, de eigenaar of de leasingnemer en, anderzijds, de hoofdhuurder, of de beheerder en de huurder, bij hun btw-controlekantoor hiervan binnen de maand na de wijziging een verklaring indienen. De betrokken partijen moeten deze verklaring ook ondertekenen. De minister van Financiën bepaalt de vorm van deze verklaring;

de verwerver, de bouwheer, de eigenaar of de leasingnemer het belastingvoordeel dat hij heeft genoten (9% van de verschuldigde btw), terugstorten aan de Staat voor het jaar waarin de wijziging zich voordoet en voor de nog te lopen jaren tot en met het 15de jaar (1/15 per resterend jaar).

Na te leven formaliteiten

De koper, de leasingnemer of de bouwheer (nieuwbouw of omvorming van een gebouw tot privéwoning(en)) moet bij het btw-controlekantoor van zijn woonplaats of waar hij zijn maatschappelijke zetel heeft, een verklaring indienen is dat hij de privéwoning of het woningcomplex zal verhuren aan één van de sociale operatoren in het kader van het sociaal beleid verstrekte huisvesting.

Er moet ook een kopie van die verklaring aan de verkoper, leasinggever of aannemer, worden overhandigd.

Binnen de maand na de ondertekening van het verhuurcontract gesloten met de sociale operatoren, moet ook een voor eensluidend verklaard afschrift van dit contract voorgelegd worden aan het btw-controlekantoor.

Worden er andere werken in onroerende staat uitgevoerd, dan moet de opdrachtgever aan de aannemer een voor eensluidend verklaard afschrift van het verhuurcontract met de sociale operatoren bezorgen.

De aannemer, de verkoper of de leasinggever moeten een kopie van hun factuur bezorgen aan btw-controlekantoor waaronder zij ressorteren, uiterlijk de laatste werkdag van de maand na de maand waarin de factuur werd uitgereikt.

Op die factuur moeten worden vermeld:

ofwel de datum en het referentienummer van de door de koper, leasingnemer of bouwheer ingediende verklaring, samen met het btw-controlekantoor;

ofwel de datum van het verhuurcontract, samen met het btw-controlekantoor.

Verlaagd btw-tarief niet van toepassing op?

Het verlaagd btw-tarief van 12% is niet van toepassing op:

werk in onroerende staat en de andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;

werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna?s, midgetgolfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.

In werking

Het verlaagd btw-tarief op sociale huisvesting voor de privésector is van toepassing sinds 1 januari 2017.

Bron: Programmawet van 25 december 2016, BS 29 december 2016 (PW 2016) (art. 120 en art. 121)

Zie ook:
- Koninklijk Besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, BS 31 juli 1970 (Btw-KB nr. 20 (tarieven)) (Bijlage, Tabel B., nieuwe rubriek ?XI. Huisvesting in het kader van het sociaal beleid ? Privé-initiatief?)
- Koninklijk Besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, BS 12 december 1969 (Btw-KB nr. 3 (aftrek)) (art. 9, § 1, tweede lid).