Oplossing voor 2 praktische problemen met nieuw beschermingsstatuut voor wilsonbekwamen

In 2013 werd beslist om de huidige statuten voor wilsonbekwamen tot hervormen tot één algemeen beschermingsstatuut. De nieuwe regels worden toegepast sinds 1 september 2014, maar zorgen al van bij het begin voor heel wat praktische problemen. De federale wetgever heeft vandaag een oplossing voor 2 van die pijnpunten.

Verklaring gezondheidstoestand versoepeld

Om gerechtelijke bescherming te krijgen, moet bij het verzoekschrift onder meer een 'omstandige geneeskundige verklaring' worden gevoegd die de gezondheidstoestand van de te beschermen persoon beschrijft. Het document moet onder meer een overzicht geven van de gevolgen van de vastgestelde gezondheidstoestand op het functioneren. Opgesteld op basis van de 'International Classification of Functioning, Disability and Health, dat op 22 mei 2001 werd aangenomen door de 54ste Wereldgezondheidsvergadering (WHA).

Blijkt nu echter dat nog maar weinig beroepsmensen die internationale classificatie kennen. Heel wat geneeskundige verklaringen zijn dan ook niet in overeenstemming met de wet. De vrederechter heeft op dat moment 2 mogelijkheden: een beschikking uitvaardigen om de verzoekende partij een nieuwe geneeskundige verklaring te laten overleggen die wel conform de wet is of het verzoek niet-ontvankelijk verklaren.

Maar een nieuwe verklaring indienen, zorgt voor te veel vertraging in een procedure die soms snel moet worden ingesteld. En hoewel de vrederechters via de griffie of hun beschikkingen informatie geven over de toepassing van de classificatie, vraagt het Koninklijk Verbond van de Vrede- en Politierechters om het gebruik ervan uit te stellen. De wetgever gaat hier nu op in: tot 1 september 2017 zijn verzoekschriften die niet verwijzen naar de classificatie toch ontvankelijk.

Om ervoor te zorgen dat de classificatie na die termijn wel wordt toegepast, engageert de overheid zich om een grootschalige informatiecampagne op te zetten.

Meer tijd voor update oude dossiers

De wet van 17 maart 2013 geeft vrederechters 2 jaar de tijd om oude dossiers aan de nieuwe regels aan te passen. Vanaf 1 september 2016 zijn de nieuwe regels onherroepelijk van toepassing op de voorlopige bewindvoeringen die dateren van voor de inwerkingtreding van de nieuwe regelgeving. . In de praktijk blijkt die termijn echter veel te kort. Sommige vredegerechten moeten in die 2 jaar immers bijna 1.000 dossiers wijzigen. De federale wetgever breidt de overgangstermijn daarom uit, met 3 jaar. Vrederechters hebben nu in totaal 5 jaar de tijd, tot 1 september 2019, om hun dossiers te conformeren met de nieuwe regels.

5 september 2015

De wet van 10 augustus 2015 treedt in werking op 5 september, 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron: Wet van 10 augustus 2015 tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 17 maart 2013 tot hervorming van de regelingen inzake onbekwaamheid en tot instelling van een nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid, BS 26 augustus 2015.

Zie ook
Wet van 17 maart 2013 tot hervorming van de regelingen inzake onbekwaamheid en tot instelling van een nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid, BS 14 juni 2013.
Wetsontwerp tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 17 maart 2013 tot hervorming van de regelingen inzake onbekwaamheid en tot instelling van een nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid, Parl. St. Kamer 2015, nr. 54K1208/001.