Zelfstandigenpensioen: inkomensgrenzen voor gepensioneerden die bijverdienen

Gepensioneerden kunnen in bepaalde gevallen onbeperkt bijverdienen. Zijn de voorwaarden daartoe niet vervuld, dan gelden er wel nog inkomensgrenzen. Die bedragen worden jaarlijks geïndexeerd.

Een ministerieel besluit van 11 december 2014 bevat de bedragen die sinds 1 januari 2015 gelden voor het werknemerspensioen. En een ministerieel besluit van 20 februari 2015 doet nu hetzelfde voor het zelfstandigenpensioen.

Regels zijn versoepeld

Gepensioneerden die 65 jaar zijn, mogen sinds begin dit jaar onbeperkt bijverdienen. Geen enkele loopbaanvoorwaarde is vereist en de leeftijdsvoorwaarde moet niet vervuld zijn op het ogenblik van de oppensioenstelling.
Onbeperkt bijverdienen is ook mogelijk voor gepensioneerden die nog geen 65 zijn, maar een loopbaan bewijzen van 45 jaar. Die loopbaanvoorwaarde moet vervuld zijn op de ingangsdatum van het eerste Belgische rustpensioen van de pensioengerechtigde.

De voorwaarden om onbeperkt bij te verdienen, werden dus verder versoepeld. Daarbuiten gelden er wel nog inkomensgrenzen.

Bij een eventuele overschrijding van de grensbedragen ? te hoge beroepsinkomsten ? wordt de sanctie volledig proportioneel toegepast. Dit betekent dat het pensioen voor de inkomsten vanaf 2015 evenredig wordt verminderd met het percentage van overschrijding, zelfs bij een overschrijding van het grensbedrag met 25 procent of meer. Een bijkomende versoepeling dus.

De inkomensgrenzen blijven ook van toepassing bij een vervroegd pensioen of een overlevingspensioen. De onbeperkte cumulatie geldt dus niet voor wie uitsluitend een overlevingspensioen heeft.

De gepensioneerde echtgenoot van een persoon die een gezinspensioen ontvangt, moet zich aan de grensbedragen houden, ook op 65 jaar. De bestaansreden voor een pensioen aan gezinstarief - dat is 75 procent in plaats van 60 procent - valt weg als men in dat geval onbeperkt zou kunnen bijverdienen. Bij een overschrijding vindt een herberekening op 60 procent plaats.

Let op! Het uitoefenen van een toegelaten beroepsactiviteit leidt niet tot de opbouw van bijkomende pensioenrechten.

Jaargrenzen bij cumulatie

Toegelaten jaargrenzen bij cumulatie van pensioen met beroepsactiviteit (bedragen in euro, geldig sinds 1 januari 2015, verschillende pensioenstelsels).

  Vóór wettelijke pensioenleeftijd Vóór wettelijke pensioenleeftijd Na wettelijke pensioenleeftijd   RP of RP+OP OP RP/OP/RP+OP Activiteit als werknemer, mandaat, ambt of post (bruto jaarbedrag)       Zonder kinderlast 7.793 18.144 22.509 Met kinderlast 11.689 22.680 27.379 Activiteit als zelfstandige (netto jaarbedrag, na aftrek van beroepskosten en -verliezen)       Zonder kinderlast 6.234 14.515 18.007 Met kinderlast 9.351 18.144 21.903 (RP: rustpensioen - OP: overlevingspensioen)

Bij een gecumuleerde beroepsbezigheid als werknemer en zelfstandige wordt het nettobedrag voor zelfstandigen én 80 procent van het brutobedrag voor werknemers in rekening gebracht.

Bron: Ministerieel besluit van 20 februari 2015 tot aanpassing van de jaarbedragen bedoeld in artikel 107, §§ 2 en 3 van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen, BS 25 februari 2015

Zie ook:
? Koninklijk besluit van 18 januari 2015 tot wijziging van artikel 107 van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen, BS 23 januari 2015
? Koninklijk besluit van 20 januari 2015 tot wijziging van artikel 64 van het koninklijk besluit van 21 december 1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, BS 23 januari 2015
? Ministerieel besluit van 11 december 2014 tot aanpassing van de jaarbedragen bedoeld in artikel 64, §§ 2 en 3 van het koninklijk besluit van 21 december 1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, BS 19 december 2014