Nadere toelichting betreffende het horen van minderjarige kinderen door de familierechtbank (art. 70 en 71 DWJ)

Het Gerechtelijk wetboek, gewijzigd door de wet op de familierechtbank die op 1 september 2014 in werking moet treden, verleent het minderjarige kind het recht om gehoord te worden door een rechter in materies die hem aanbelangen aangaande de uitoefening van het ouderlijk gezag en de verblijfsregeling. Inzake de concrete toepassing van dit recht om te worden gehoord werden twee wijzigingen aangebracht.

1. Het Gerechtelijk wetboek bepaalde dat de Griffie aan de minderjarige die twaalf jaar oud is een informatieformulier over zijn recht om gehoord te worden moest toezenden. De vorige versie van het Gerechtelijk wetboek bepaalde dat dit formulier moest toegezonden worden ?op het adres van elk van zijn ouders?. Maar hoe diende dit te gebeuren als het kind geplaatst was of niet bij één van zijn ouders was gedomicilieerd? Om er zeker van te zijn dat het kind dit formulier wel degelijk zal ontvangen, heeft de wetgever inmiddels bepaald dat het formulier moet toegezonden worden aan het adres waar het kind verblijft indien het geplaatst is of indien het niet gedomicilieerd is bij één van zijn ouders.

2. De vorige versie van de tekst bepaalde dat het verslag van het onderhoud door de rechter aan de minderjarige moest worden voorgelezen. De magistraten wezen de wetgever er echter op dat die verplichting tot voorlezing inhield dat het verslag al bij het onderhoud moest opgesteld worden, wat tot aanzienlijke praktische problemen zou kunnen leiden. Dat betekent immers dat de rechter ofwel tijdens het onderhoud moet bijgestaan worden door een griffier, wat het onderhoud zou kunnen bemoeilijken en het kind intimideren, ofwel, het verslag na het onderhoud zelf moet opstellen, wat het kind zou verplichten daarop te wachten en het verloop van eventuele andere onderhouden aanzienlijk zou vertragen.

De wetgever heeft de opmerkingen van de specialisten ter zake ingewilligd en deze verplichting ?om het verslag voor te lezen? opgeheven. Nu zal de rechter de minderjarige nog alleen moeten informeren over de inhoud van het verslag.

Deze wijzigingen treden in werking op 1 september 2014.

Bron: Wet van 8 mei 2014 houdende wijziging en coördinatie van diverse wetten inzake Justitie (1), BS 14 mei 2014 (art. 70 en 71)