Bij wie beroep indienen tegen opname in leegstandsregister?

De eigenaar van een woning of gebouw dat wordt opgenomen in het leegstandsregister, kan tegen die opname in beroep gaan. In principe tekent hij beroep aan bij het college van burgemeester en schepenen van de plaats waar het pand gelegen is. Maar dat is niet altijd zo, aldus een besluit van de Vlaamse regering van 24 mei 2013.

Binnen 30 dagen

Als een gemeente beslist om een leegstaand gebouw of een leegstaande woning op te nemen in het leegstandsregister, dan brengt zij de houders van een zakelijk recht op dat pand op de hoogte van de beslissing tot opname in het register. Als de eigenaar, opstalhouder, gebruiker,? meent dat er een goede reden is voor de leegstand, kan hij in beroep gaan tegen die beslissing. Dat moet dan wel gebeuren binnen 30 dagen na ontvangst van de kennisgeving.

Als het beroep wordt afgewezen, zal de betrokkene een leegstandsheffing moeten betalen.

College of afgevaardigde

De zakelijkrechthouder tekent in principe beroep aan bij het college van burgemeester en schepenen.

Het kan ook zijn dat hij zich tot een ambtenaar moet wenden, want het college kan zijn bevoegdheden overdragen aan één of meer personeelsleden van de gemeente.

Intergemeentelijk orgaan

Er zijn echter gemeenten die het opmaken en bijhouden van hun leegstandsregister hebben overgedragen aan een intergemeentelijke administratieve eenheid. Als dat een orgaan is mét rechtspersoonlijkheid, zoals een vzw, moet de zakelijkrechthouder beroep instellen bij het beslissingsorgaan van die intergemeentelijke administratieve eenheid. En dus niet bij het college. Aldus het besluit van 24 mei 2013.

Opgelet echter! Als de gemeente de opmaak van haar inventaris heeft overgedragen aan een intergemeentelijke administratieve eenheid zónder rechtspersoonlijkheid, is alleen het college bevoegd voor het behandelen van het beroep (of de gemeenteambtenaar of -ambtenaren aan wie het college zijn bevoegdheid delegeerde). Dat is vaak het geval bij plattelandsgemeenten die rondom een centrumstad gelegen zijn; zij dragen hun inventaris over aan de dienst Ruimtelijke Planning van de stad, maar die heeft geen rechtspersoonlijkheid.

Jaarlijks bij te werken

De gemeenten krijgen van het Vlaams Gewest een vergoeding voor het opmaken en actualiseren van het leegstandsregister. Sommige gemeenten nemen dat actualiseren wat meer ter harte dan andere. Vandaar dat het nieuwe besluit alleen nog een actualisatievergoeding uitbetaalt als de gemeente haar register elk jaar bijwerkt. De actualisatievergoeding bedraagt 100 euro, plus 0,5 euro per pand dat op de datum van de jongste actualisatie en ten laatste op 30 april, is opgenomen in het register.

Het besluit van 24 mei treedt 10 dagen na publicatie in werking. Dat is op 30 juni 2013.

Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2013 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2009 houdende nadere regelen betreffende het leegstandsregister en houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 2 april 1996 betreffende de heffing ter bestrijding van leegstand en verkrotting van gebouwen en/of woningen (Leegstandsbesluit), BS 20 juni 2013.

Zie ook:
Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996, BS 30 december 1995 (Leegstandsdecreet).