Benoemingsprocedure magistraten aangepast (art. 52 en 53 Potpourri III-wet)

De benoemingsprocedure voor magistraten wordt op enkele kleine punten aangepast. Bedoeling is dat de procedure sneller en efficiënter verloopt en ook minder duur wordt. Aangetekende brieven worden afgeschaft en vervangen door elektronische zendingen.

Advies

De minister van Justitie vraagt advies over de kandidaten voor een benoeming tot magistraat. Aan onder meer de huidige en toekomstige korpschef. Voortaan vraagt hij wel alleen nog advies over de kandidaturen die hij zelf ontvankelijk heeft verklaard. Hij bekijkt de voorwaarden die gelinkt zijn aan de indieningstermijnen en de vormvereisten van de kandidatuur, en de stavingsstukken. Hij let er ook op of een magistraat zich niet te snel kandidaat stelt voor een nieuw ambt.

Door alleen nog te werken met ontvankelijke kandidaturen wordt het aantal kandidaten waarover advies moet gegeven worden en die de benoemingscommissie later kan horen een stuk ingeperkt.

De minister vraagt het advies voortaan binnen 35 dagen na de bekendmaking van de vacature in het Staatsblad (vroeger 45 dagen).

Het advies wordt binnen 30 dagen bezorgd aan de minister (niet meer in tweevoud). En elektronisch aan de kandidaat. En dus niet meer tegen gedagtekend ontvangstbewijs of met een aangetekende brief. De aangetekende brief verdwijnt trouwens ook in de verdere procedure (bv. kennisgevingen aan kandidaten, verzenden van opmerkingen over het advies, vraag om gehoord te worden door de benoemingscommissie). Dat moet de procedure minder log maken en - niet onbelangrijk - een pak goedkoper. Let wel, wanneer de datum van ontvangst bepalend is om een termijn te doen ingaan, wordt een ontvangstbewijs gevraagd bij de elektronische verzending.

Benoemingsdossier

In het benoemingsdossier steekt voortaan ook de bevestigingsmail waaruit blijkt dat de kandidaat de adviezen over zichzelf heeft ontvangen.

Niet alleen het eindverslag van de evaluatiecommissie over de gerechtelijke stage, maar ook de stageverslagen van de stagemeesters moeten in het dossier zitten. Dit laat de benoemingscommissie toe om zich een beter beeld te vormen van de kandidaat tijdens de gerechtelijke stage.

Nieuw is ook dat er een uittreksel uit het strafregister moet aanwezig zijn in het dossier. Van na de bekendmaking van de vacature. Het is aan de minister van Justitie om dat op te vragen. De kandidaat moet het niet bij zijn kandidatuur voegen.

Raadsheer

Voor een benoeming tot raadsheer in het Hof van Cassatie, in het hof van beroep of in het arbeidshof bezorgt de minister binnen 90 dagen (vroeger 100 dagen) na de bekendmaking van de vacature het benoemingsdossier van de kandidaten aan de algemene vergadering van het rechtscollege waar de benoeming moet gebeuren. Zij geeft advies over de kandidaten, voortaan aan de hand van een standaardformulier. Het gebruik van een standaardformulier moet het makkelijker maken om de kandidaten te vergelijken.

Kandidaat-raadsheren kunnen trouwen voortaan aan de minister van Justitie opmerkingen geven over het advies van de algemene vergadering. Als gevolg hiervan wordt de termijn die de minister heeft om de benoemingsdossiers over te zenden aan de benoemingscommissie met 15 dagen verlengd.

Benoeming

Vanaf de ontvangst van de voordracht van een kandidaat heeft de Koning voortaan 50 dagen (vroeger 60) om een beslissing over de benoeming te nemen. De benoemingsbeslissing wordt alleen nog elektronisch meegedeeld. En dit aan de benoemingscommissie, de kandidaten, de korpschefs van het rechtscollege of het OM waar de benoeming moet gebeuren, de korpschef van de kandidaat en de procureur-generaal van de plaats waar de eed moet afgelegd worden. Wordt de benoeming geweigerd dan wordt ook dit elektronisch meegedeeld. Wel met een ontvangstbewijs bij melding aan de benoemingscommissie en de kandidaat.

Mandaten

Ook de procedure voor de aanwijzing in mandaten wordt ietwat versneld en aangepast. Min of meer op dezelfde manier als de benoemingsprocedure voor magistraten.

Inwerkingtreding

De artikelen 52 en 53 van de wet van 4 mei 2016 zijn in werking getreden op 23 mei 2016. De verplichting om het advies over de kandidaat-raadsheer op een standaardformulier te geven, geldt pas vanaf een bij KB vastgelegde datum. 

Bron: Wet van 4 mei 2016 houdende internering en diverse bepalingen inzake Justitie, BS 13 mei 2016 (art. 52 en 53 Potpourri III-wet)

Zie ook:
Gerechtelijk Wetboek (art. 259ter en 259quater)